• Home
  • Nieuws
  • Petersburg, van glorie tot teloorgang-20 april

Petersburg, van glorie tot teloorgang-20 april

Verslag van de lezing door Gerard Baar

8De lezing op 20 april van dit jaar over deze verdwenen buitenplaats vond plaats dankzij de uitgave van het boek ‘Petersburg, Roem der Hoven’. Daar deze lusthof in Nederhorst den Berg aan de Vecht heeft gestaan, was dat voor de Historische Kring een reden emeritus hoogleraar slavistiek Professor Waegemans uit Leuven en Dr Donga, regent van het Van Brants Rus Hofje aan de Nieuwe Keizersgracht in Amsterdam, uit te nodigen voor het houden van een lezing rondom de bouwheer van deze buitenplaats. Het idee voor het boek was ontstaan doordat Waegemans een twaalftal ingekleurde gravures vond in het archief van de Universiteit van Leuven. Hij nam contact op met Donga, die vervolgens onze dorpsgenote Dr Claudette Baar--de Weerd benaderde om ook mee te doen. Zo kwam dit fraaie boek tot stand.

Waegemans beet het spits af om de 80 belangstellenden het een en ander uit te leggen over de man die als Tsaar Peter de Grote de geschiedenis in zou gaan en veel aan zijn vriend Brants te danken had.

Waegemans legde uit hoe de diplomatieke verhoudingen tussen de toenmalige grootmachten Frankrijk, Engeland, Pruisen, Zweden, de Republiek en Rusland lagen. Tsaar Peter beschikte over een uitgebreid netwerk van Russische en lokale kontakten die de belangen van Rusland behartigden. Zij bereidden de twee reizen voor die Peter de Grote door Europa maakte, met als doel Rusland zo snel mogelijk naar West-Europese geest te hervormen.

Peter had in 1693, toen hij nog geen tsaar was, in Archangelsk al kennis gemaakt met Christoffel Brants die voor zijn vader boomstammen liet verschepen naar de Republiek voor de masten van de VOC-schepen. Zijn vader maakte deel uit van het ‘Moscovisch mastengezelschap’ dat het monopolie bezat op deze handel. Verder had Peter tijdens zijn jeugd in Moskou veel kennis opgestoken van de daar werkzame Hollanders en Duitsers. In 1698 reisde de kersverse Tsaar incognito naar de Republiek om in Zaandam het vak van scheepstimmerman te leren. Hij wilde echter wel met kanonschoten ontvangen worden in de steden die hij onderweg aandeed. In datzelfde jaar zocht hij diplomatieke steun voor zijn strijd tegen de Zweden, die het gebied rond de Baltische Zee beheersten. Hij kreeg nul op het rekest bij de Staten Generaal van de Republiek, maar de banden bleven bestaan. Met een van de Amsterdamse burgemeesters, Nicolaas Witsen, onderhield hij nauwe contacten. Daarnaast was er de Russische agent Johannes Van den Burgh die voor Peter allerlei Hollandse vaklui, zeelieden en officieren moest werven om een vloot op te bouwen. Bovendien had hij mensen nodig om aan de Finse Golf een nieuwe stad te laten verrijzen, Sint Petersburg. Daartoe voerde hij ook een lingua franca in: Hollands op zee, Duits op land. Hij heeft dat tien jaar lang geprobeerd. De Hollandse scheepstermen zijn de Russen altijd blijven gebruiken en zij niet alleen! De halve wereld nam ze in de loop van de tijd over.

5Tsaar Peter wilde koste wat kost Karel de Twaalfde van Zweden verslaan, waartegen hij in 1700 nog het onderspit delfde. Hiertoe had hij moderne wapens nodig. Aan die vraag voldeden de Hollanders graag. Brants importeerde ijzererts uit Zweden, waarna hij er kanonnen en wapens van liet maken. Vervolgens smokkelde hij ze, om het met de Zweden bevriende Frankrijk niet voor het hoofd te stoten, naar Rusland. Een van de trucs om ze heimelijk Rusland in te krijgen, bestond uit het laten leeglopen van vaten met Bordeauxwijn, om die vervolgens gevuld met wapentuig verder oostwaarts te transporteren. Ondertussen ging de handel van de Republiek met de bevriende Fransen gewoon door. In 1709 versloeg Peter in de slag van Poltava zijn aartsvijand, de Oostzee lag eindelijk voor hem open. Vrede sloten de beide landen niet, dat gebeurde pas jaren later. Die vrede was deels te danken aan Frankrijk, want voordat Peter de Republiek in 1717 voor de tweede keer aandeed, was hij erin geslaagd in Parijs dat land financieel los te weken van Zweden. Hij kwam bij Maastricht de grens over en trok langzaam met zijn gevolg richting Amsterdam. Brants nodigde hem uit op zijn Petersburg en dat heeft hij geweten! Peter en zijn gevolg richtten binnen een paar dagen een enorme ravage aan. Brants nam het op de koop toe. Hij had tenslotte een belangrijk deel van het kapitaal waarmee hij het buiten Petersburg had kunnen bouwen verdiend met de wapensmokkel voor zijn Russische vriend. De Zweden lagen door op hoog niveau gevoerde diplomatie van o.a. de Republiek in 1721 op hun knieën om de vrede te tekenen.  Het water was ze tot de lippen gestegen.

Donga gaf een korte beschrijving hoe vader Enno Brants, afkomstig uit Wittmund (Oost-Friesland) in Amsterdam zich ontwikkelde van kuiper tot handelaar in hout uit het Baltische gebied. Zoon Christoffel, geboren in 1664, breidde de handelscontacten verder uit en verwierf tijdens zijn verblijf in Archangelsk en Moskou het vertrouwen van Peter de Grote. Dit vertrouwen, gecombineerd met de financiële steun en wapenhandel, maakte dat de Tsaar hem in 1717, vanwege zijn verdiensten voor Rusland, in de Russische adelstand verhief. Sindsdien mocht Brants zich Van Brants noemen.

Net als vele vooraanstaande, rijke Amsterdammers wilde ook Christoffel Brants een buitenplaats. Hiertoe kocht hij in 1709 ‘Huys ten Haen’ (in andere stukken terug te vinden als ‘Huys ten Ham’) een buitenverblijf aan de Vecht in Nederhorst den Berg tegenover Nigtevecht. Hij gaf Simon Schijnvoet de opdracht een buiten voor hem te ontwerpen. Brants bezat al een woonhuis in Amsterdam aan de Keizersgracht nummer 317. In de top van de gevel staat in het midden de overwinning van de tsaar bij Poltava afgebeeld, geflankeerd door twee medaillons met de afbeeldingen van Peter de Grote en Christoffel van Brants.

6Zijn buitenplaats aan de Vecht gaf hij, als eerbetoon aan zijn vriend Peter, de naam ‘Petersburg’. Deze imposante buitenplaats is uitgebreid afgebeeld in ‘De Zegepraalende Vecht’ het boekwerk dat Daniël Stoopendaal maakte van de huizen, tuinen en riviergezichten langs de Vecht. Volgens Donga was Van Brants een royale geldschieter van de uitgave, daar Petersburg er met maar liefst twaalf platen in opgenomen is. Aan de hand van de afbeeldingen vertelde hij het een en ander over het huis en de tuinen. Het huis had een eigen aanlegsteiger aan de Vecht en was zo gemakkelijk vanuit Amsterdam over het water te bereiken. Op een van de prenten is de aankomst van het gezelschap van Tsaar Peter de Grote en zijn echtgenote Catherina bij het buiten te zien. Dat Peter de Grote zijn naam niet alleen aan zijn daadkracht, maar ook aan zijn lengte dankte, blijkt uit de gravures. Met zijn lengte van 2.03 meter steekt hij met kop en schouders boven de anderen uit. De prenten geven een veel mooier beeld van de tuin dan mogelijk was: de heggen waren veel te hoog. Uitgaand van de aanleg van de tuinen vanaf ca. 1709, kunnen zij nooit zo hoog zijn als ze op de afbeeldingen staan. Verder attendeerde Donga nog op de Russische badstoof, een sauna, een vinding door Van Brants meegenomen uit Rusland.

Nog tijdens zijn leven nam Van Brants het initiatief tot het bouwen van een hofje voor alleenstaande vrouwen uit de Lutherse gemeenschap in Amsterdam waar hij deel van uitmaakte. Het hofje werd gebouwd aan de Nieuwe Keizersgracht naar een ontwerp van Daniel Marot. Van buiten ziet het eruit als een grachtenhuis, maar achter de voordeur bevinden zich rond een binnenplaats de woninkjes van de vrouwen, waar zij twee aan twee in verbleven. Van Brants heeft het niet afgebouwd gezien, hij overleed in 1732. Uit de testamenten blijkt hoe vermogend hij was. Zijn bedrijf ging over naar zijn neef in Wittmund en andere bezittingen naar zijn twee nichten, daar hijzelf geen kinderen had.

7Donga sloot zijn lezing af met de rol die de Nieuwe Keizersgracht in de Tweede Wereldoorlog gespeeld heeft in het leven van joodse inwoners van Amsterdam. De Joodse Raad zetelde vijf huizen verder op nummer 58. Verder woonden er verscheidene joodse mensen legaal, maar ook als onderduikers. Bovendien zat ergens in het Hofje een groot gat in de muur voor meer lucht en licht volgens zeggen van de huismeester. Het gat was in gebruik bij de verzetsgroep Gerritsen (het Parool). Voor de meer dan 200 uit de buurt weggevoerde joden hebben de bewoners van de Nieuwe Keizersgracht in 2013 ‘De Schaduwkade’ opgericht. De namen van die joodse bewoners staan op de kaderand (aan de kant van de Hermitage) tegenover de huizen waarin zij gewoond hebben.

Het Van Brants Rus Hofje bezit slechts één attribuut van het voormalige buiten Petersburg. Het is een beeldhouwwerk dat in een van de fonteinen stond. Het stelt ‘Leda en de zwaan’ voor met drie kinderen. Het kunstwerk heeft een dubbele betekenis. Van Brants was, zoals u gelezen hebt, Luthers. De zwaan is het boegbeeld van de Lutheranen. In de Griekse mythologie is hij echter de vermomming, die de oppergod Zeus aannam om zijn grote liefde, Leda, in de beneden wereld te kunnen beminnen.

Tot slot vertelde Donga trots dat zijn Hofje meedoet in september met de Open Monumentendag en dat het in aanmerking komt - in het teken van ‘In Europa’ vanwege de historische context – voor de titel van internationaal monument. Het Hofje verenigt in zich een combinatie van Franse, Russische en Hollandse achtergronden.
1Petersburg is in ieder geval een soort aardmonument geworden. Op een infrarode foto van de RAF uit begin 1945 is ondergronds de structuur van al die aangelegde weelde nog duidelijk te zien.

 

Beide sprekers waren zeer verguld met de grote opkomst en bleven dan ook gezellig napraten met iedereen die hen graag even spreken wilde.